|
Bewoners
Rivierengebied:
Bataven
Een
paar vrouwen malen graan, kinderen spelen. Het is rustig in het
dorp na de oogst. De voorraadschuren zijn weer goed gevuld. De boeren
trekken eropuit, liefst te paard. Regelmatig trekken ze langs de
rivier naar de kust, waar ze graag gezien gasten zijn. Ze brengen
dan maalstenen en ijzer mee uit het oosten, waar die gevonden worden
en verruilen dat voor zout. Dat is aan de kust ruim voorhanden.
Soms blijft er een jong paard achter om wat nieuw bloed te brengen
bij de paarden die de boeren hoeden.
Naast
paarden houden de boeren runderen, varkens en kippen. Op de vette
rivierklei kunnen ze ook van alles verbouwen. Zo wordt tarwe en
gerst afgewisseld met lijnzaad, huttentut, koolraap en duivenboon.
Daardoor blijft de bodem langer vruchtbaar.
|
|